
Bij het gebruik van hybride inktsoorten, waarbij gelinkt inkt wordt gecombineerd met waterbasisinkt, kom je tegen een bekend probleem: het UV-spectrum past niet samen met de fotoinitiatoren. Onjuiste golflengten zorgen er namelijk voor dat er onnodig veel energie wordt verbruikt. De gelinkte inkt blijft plakkerig, terwijl de waterbasislaag te snel opdroogt. De oplossing ligt dus bij het lampvenster.
Wat belangrijk is achter de schermen Het kwartsglasbeschermingselement in een hoge-drukwaterstofdamplamp fungeert als een soort ‘spectraalmuur’. Het laat alleen de golflengten van 365 nm, 385 nm en 405 nm door, terwijl het overtollige infraroodlicht dat het substraat kan verhitten wordt geblokkeerd. Hierdoor wordt er een maximale straling van 12–15 W/cm² gegenereerd, met een variantie van ±2% gedurende de levensduur van de lamp. De hoeveelheid energie die op het substraat terechtkomt, blijft constant tussen 500–1.200 mJ/cm², afhankelijk van de snelheid waarmee de inkt wordt aangebracht. Het beschermingselement blokkeert ook het 185 nm-licht dat ozon veroorzaakt. Hierdoor kan er zonder ozon gewerkt worden, zodat gevoelige ondergronden beschermd blijven. Dankzij zijn hoge weerstand tegen thermische schokken behoudt het beschermingselement zijn spectrale eigenschappen zelfs bij hoge stroomintensiteiten van tot 120 W/cm².
Waarom dit belangrijk is voor hybride inktsoorten Hybride inktsoorten hebben een selectieve stimulatie nodig. Met golflengten van 365 nm wordt de gelinkte inkt dieper opgedroogd. Met golflengten van 385–405 nm kan de waterbasislaag opgedroogd worden zonder dat de oppervlakte beschadigd raakt. Door het beschermingselement te combineren met dichroïsche reflectoren, kan de spectrale energieverdeling zo worden bepaald dat elke laag de juiste hoeveelheid fotonen krijgt. Hierdoor vindt er volledige kruislinking plaats, blijft de oppervlakte schoon en ontstaan er geen problemen door hitte of spanningen tussen de lagen. Het resultaat is minder afwijkingen bij hogere snelheden, en een lamp die koeler blijft, waardoor de levensduur verlengd wordt.
Details over de installatie De toleranties bij de installatie zijn zeer streng. Het beschermingselement moet perfect tegen het lampmodule zitten – zelfs een kleine opening kan het spectrale profiel veranderen en tot hotspots leiden. Controleer dus goed de geometrie van de reflectoren en de afstand tussen de lamp en het substraat. Kwarts geleidt UVC-licht, dus gebruik zuivere handschoenen en zorg ervoor dat de veiligheidsmechanismen actief blijven tijdens het gebruik van de lamp. Wanneer je het beschermingselement vervangt, kan de effectieve spectrale uitstoot veranderen, waardoor de fotoinitiatoren op een andere manier reageren. Pas daarom de dosering en de snelheid van het aanbrengen van de inkt aan.